# De magie achter de computer

Any sufficiently advanced technology is indistinguishable from magic. - Arthur C. Clarke

Any technology distinguishable from magic is insufficiently advanced. - Anonymous

Computers zijn wonderlijke en fantastische apparaten. Ze vervullen al je wensen. Let wel, dat doen ze zoals de geest uit Aladdins lamp: ze geven je altijd wat je vraagt maar nooit wat je nodig hebt.

Net als een toverspreuk vergen ze uiterste concentratie om te gebruiken, en soms gaan ze op onverklaarbare en catastrofale wijze mis. Liefst op vrijdagmiddag als je net naar huis wilt gaan. Op die manier zorgen computers ervoor dat je ook tijdens het weekend nog een beetje aan ze denkt.

Net als Roodkapje moet je goed uitkijken in het enge bos dat Internet heet, want voor je het weet haal je een Grote Boze Spywarewolf binnen. Die eet je oma niet op maar stuurt haar wel een paar duizend aanbiedingen voor producten waar ze op haar leeftijd waarschijnlijk weinig behoefte meer aan heeft.

Net als Doornroosje is er, wanneer de computer onherroepelijk weer eens vastloopt, een knappe* prins nodig om 'm weer 'wakker te kussen'. Alleen de stevige krachttermen die hij hierbij doorgaans bezigt, doen, voorzover deze door de onschuldige omstanders te ontcijferen zijn, enigszins afbreuk aan dit romantische beeld.

Kortom, de computer is als de doos van Pandora: als je niet weet wat er in zit, en hem argeloos openmaakt om er zelf in te gaan rommelen, is het leed niet te overzien.

Wij programmeurs hebben het, als ware tovenaarsleerlingen, op onszelf genomen om deze onvoorstelbare krachten te temmen. Dat klinkt edelmoedig maar is het niet. Het is namelijk, geloof het of niet, erg leuk om te doen.

Natuurlijk, je moet een bepaalde hang naar het exacte hebben. Niet iedereen kan een hele dag besteden aan het vinden van een fout in 30.000 regels code, dan de verantwoordelijke punt in een komma veranderen, zich vervolgens weer een dag vertwijfeld afvragen waarom het nog steeds niet werkt, de komma in een opwelling weer terugveranderen in een punt, tot slot vaststellen dat het programma nu op onverklaarbare wijze lijkt te werken, en toch tevreden terugkijken op twee dagen succesvol opereren op het scherpst van de technologische snede.

En dan is er natuurlijk nog het aanzien, die status van halfgod, Commandeur in de Orde van de Megabyte. De bewonderende blikken, het ontzagvolle gefluister als je een ruimte binnentreedt. Soms denk ik wel eens dat ik het me allemaal verbeeld, maar als ik die verbouwereerde, ongelovige blikken zie als ik weer eens tot in detail uitleg waar het probleem precies in stak, weet ik weer wat een voorrecht het is om programmeur te zijn!

Jan Niestadt.

*) zo niet aantrekkelijk, dan toch minstens redelijk competent